Ga direct naar inhoud
Ook de gratis nieuwsbrief van de Stelling van Amsterdam ontvangen?
Schrijf je in

Deel via social media

Artikel: Fort aan de Middenweg krijgt hotelkamers maar blijft intact

8 april

Natuurmonumenten die eigenaar is van Fort aan de Middenweg, is in gesprek met ondernemers Frank Bart en Patrik Guitink van 4tress B.V. over de inrichting van Fort aan de Middenweg met hotelkamers. Het fort zal straks worden geëxploiteerd door Fort Resort Beemster. Extra leuk is dat een gedeelte van het fort openbaar wordt. Dit gedeelte bevat informatie over het fort en de Stelling van Amsterdam. Natuurmonumenten is nog volop in gesprek met beide ondernemers en heeft nog geen overeenkomst gesloten. "Maar in principe kan het snel gaan", aldus Rob van Dam van Natuurmonumenten.

Lees hieronder het artikel van Beemster in het nieuws: 

BEEMSTER - Natuurmonumenten is beheerder van 3 forten van de Stelling van Amsterdam in de Beemster: Fort bij Spijkerboor, Fort aan de Jisperweg en Fort aan de Middenweg. Naast natuurbeheerder is Natuurmonumenten ook beheerder van cultureel erfgoed. De visie hierop is te zorgen dat het erfgoed bewaard wordt, benut en beleefd kan worden en bekostigt wordt. Als Natuurmonumenten en ondernemers eruit komen, dient fort als uitvalsbasis van Fort Resort Beemster. 

Voor Fort aan de Middenweg is Natuurmonumenten enige tijd geleden benaderd door ondernemers Frank Bart en Patrik Guitink. Het fort was de laatste jaren in gebruik als opslag en is niet toegankelijk voor bezoekers. Bart en Guitink hebben het idee om het fort in te delen met hotelkamers voor gasten van Fort Resort Beemster. De kamers worden echt 'in' het fort gebouwd, waarbij het gebouw niet beschadigd wordt. Extra leuk voor geïnteresseerden is dat een gedeelte van het fort openbaar en te bezoeken wordt met informatie over het fort en de stelling.

Het Purmerends Nieuwsblad kreeg vorige week aan de hand van Rob van Dam, hij is Coördinator Natuurbeheer Noord-Holland-Midden van Natuurmonumenten, een exclusief kijkje in het fort. Zodat we concreet konden zien hoe het fort er van binnen en buiten bij staat, alsmede om een gevoel te krijgen bij de plannen van de twee ondernemers. Voor degenen die hem niet kennen: Frank Bart is eigenaar van Fort Resort Beemster.

Plan aangepast

Van Dam: "Het is voor Natuurmonumenten natuurlijk geweldig dat ondernemers bereid zijn te investeren in een fort als deze, zonder dat de cultuurhistorische waarde verloren gaat. Want dat is wel heel belangrijk onderdeel van de gesprekken. De eerste opzet van het plan is in samenspraak met de gemeente en de provincie bekeken en beoordeeld. Door Natuurmonumenten is daarnaast een cultuurhistorische waardebepaling gemaakt. Deze geeft aan wat de historische belangrijke waarden van het fort zijn. Hierna is aan de ondernemers teruggekoppeld wat wel en wat niet wenselijk is in het hotelkamerplan. Vervolgens hebben de ondernemers hun plan hierop aangepast", vertelt Rob van Dam.

12 reversibele kamers

In het kort is het plan om 12 zogeheten reversibele kamers te maken in het fort zelf. Deze zullen dienen als uitvalsbasis van Fort Resort Beemster. Aan het fort zelf verandert niets. Van Dam: "Er komt een ontbijtruimte, de fortwachterswoning wordt in oude staat hersteld als beheerderswoning. Op termijn wordt de oude genieloods herplaatst met daarin 7 kamers en een kleine vergaderfaciliteit. De poterne en de kazemat worden ingericht met informatie voor bezoekers. De frontzijde van het fort en het buitenfort blijven in beheer van Natuurmonumenten."

Woensdag opnieuw gesprek

Het plan van Bart en Guitink past binnen de voorwaarden die Natuurmonumenten in samenspraak met de gemeente Beemster en de provincie Noord-Holland heeft besproken. Natuurmonumenten is nog volop in gesprek met beide ondernemers en heeft nog geen overeenkomst gesloten. Woensdagavond wordt er opnieuw gesproken tussen de partijen. Wanneer de daad bij het woord wordt gevoegd, hangt af van de uitkomst van de onderhandelingen. "Maar in principe kan het snel gaan", aldus Rob van Dam tot slot.

Mensen die op de hoogte gehouden willen worden van de stand van zaken met betrekking tot het fort aan de Middenweg kunnen zich inschrijven voor updates per e-mail via: fortbijspijkerboor@natuurmonumenten.nl

Artikel via Rodi Media | Geschreven door John Bontje | maandag 2 maart 2020

Kijk bij de veelgestelde vragen of maak een keuze hieronder.

U kunt nog 250 karakters intypen
naar boven

Begaanbaar deel van een inundatie in de vorm van een hooggelegen terrein, een weg, (spoor)dijk of een waterweg.

Verdedigingswerk dat een acces verdedigt

Onderstel voor een vuurwapen

Ook wel bolwerk. Vijfhoekige uitbouw van waaruit flankerend vuur kan worden gegeven.

Samenvoeging van een aantal stukken geschut in één organisatie.

Door een aarden wal van de vijand afgeschermde weg waarlangs manschappen en materieel konden worden verplaatst.

Het door metselwerk, beton of grondlaag bestand zijn van een gebouw tegen geschutsvuur.

Beschutte plek van waaruit de verdedigers de vijand kunnen bestoken.

Granaat gevuld met hoogexplosieve springstof.

Een (lage) uitbouw in een gracht van waaruit flankerend vuur kan worden gegeven.

Ook wel schotbalksluis. Tijdelijke waterkering, door het stapelen van balken in uitsparingen, om het water van een inundatie tegen te houden.

Militaire oefening

Zijwaarts gericht vuur.Groot flankement: ondersteunend vuur naar de nevenforten. Klein flankement: vuur dat de eigen omgeving van het verdedigingwerk bestrijkt.

Naar de vijand gericht deel van een verdedigingsweg.

Een onderdeel van het leger dat o.a. als taak heeft om tijdelijke en permanente verdedigingswerken te bouwen. De naam is afgeleid van het Franse woord ingenieur.

(houten) Loods waarin artillerie- en geniemateriaal werd opgeslagen.

Verzamelnaam voor vuurmonden.

Flauw aflopend talud dat buiten de fortgracht ligt en dat vanaf de frontwal met vuur kan worden bestreken.

(Betonnen) onderkomen voor manschappen, in de jaren ’30 onder andere toegevoegd aan het oostfront van de Vesting Holland.

Pantserkoepel die tijdens het geven van vuur omhoog wordt geheven om in rust weer te verzinken en onzichtbaar te worden.

Tabel die is aangebracht naast de geschutsopening om de bedieners van het geschut inzicht te geven in afstanden tot de doelen en de daarmee samenhangende geschutshoeken.

Onderwaterzetting waarmee een vijand op afstand wordt gehouden.

Ook wel inlaatsluis. Sluis die is aangelegd met als doel om water in een bepaald gebied in te laten.

Ruimte die tegen vijandelijk vuur is gedekt en die is voorzien van een schietgat waarachter een vuurwapen wordt opgesteld.

Van de vijand afgekeerde zijde van een verdedigingswerk.

In de forten van de Stelling van Amsterdam is het een kazemat aan de keelzijde van een fort waarmee flankerend vuur op het voorterrein van de buurforten wordt gegeven en van waaruit de keelzijde wordt verdedigd.

Wet van januari 1853, waarin beperkingen waren opgenomen met betrekking tot het bouwen in de nabijheid van verdedigingswerken, de zgn. verboden kringen, om een vrij schootsveld te waarborgen.

Lineair stelsel van samenhangende verdedigingwerken.

Batterij die in de onmiddellijke nabijheid van een verdedigingswerk ligt en die taken uitvoert die vallen onder dit verdedigingswerk.

Waterzuiveringsinrichting die de kwaliteit van het drinkwater verbetert door er ijzer aan te onttrekken.

Stelling waarin terugtrekkende troepen kunnen worden opgenomen.

Batterij die achter pantserplaten is opgesteld.

Fort met één of meerdere gepantserde geschutsopstellingen.

Draaibare gepantserde geschutsopstelling.

Geschut voor frontaal vuur over grote afstand, direct gericht op de vijandelijke posities.

Vuur dat er op is gericht om vijandelijke artillerie uit te schakelen

Eenvoudig (tijdelijk) verdedigingswerk met kleine bezetting.

Ondergrondse, bomvrije verbindingsgang.

Laatste toevluchtsplek voor de verdedigers binnen een verdedigingswerk, dat zelfstandig kan worden verdedigd.

Bomvrije bergplaats voor geschut of ander onmisbaar materieel.

Gedeelte van en terrein dat onder vuur kan worden genomen.

Open binnenruimte van een fort.

Grondplan of plattegrond.

Benaming van het verband dat in 1922 ontstond door de samenvoeging van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, de Stelling van Amsterdam en het zuidelijk rivierenfront.

Wet van 18 april 1874 waarin de vestingwerken werden bepaald die deel uit gingen maken van de landsverdediging.

Aarden ophoging rond een verdedigingswerk, voorzien van een borstwering.