Ga direct naar inhoud

Deel via social media

Kwaliteit Stelling van Amsterdam verbetert door aanleg Verbinding A8-A9

21 december 2021

Het Landschapsplan Stelling van Amsterdam / Verbinding A8-A9 is afgerond.

De conclusie is dat er juist door de aanleg van de Verbinding A8-A9 mogelijkheden gecreëerd kunnen worden, waarmee veel kwaliteit wordt toegevoegd aan de Stelling van Amsterdam. Hiervoor wordt een pakket van 40 maatregelen geadviseerd.

Gedeputeerde Jeroen Olthof: “Een verbindingsweg tussen de A8 en de A9 kan een belangrijke bijdrage leveren aan de bereikbaarheid van de Zaanstreek en IJmond. En het zou de verkeersdrukte op de N203 verminderen en daarmee de leefbaarheid in Krommenie verbeteren. Maar de aanleg van de weg mag natuurlijk niet ten koste gaan van de werelderfgoedstatus van de Stelling van Amsterdam. Met de uitvoering van het volledige maatregelenpakket is het mogelijk de weg aan te leggen, de Stelling van Amsterdam te verbeteren én extra overlast voor de Broekpolder te voorkomen. We staan wel voor een grote financiële uitdaging: de investeringskosten van het landschapsplan bedragen ruim € 900 miljoen. De provincie kan deze kosten onmogelijk alleen dragen en zonder zicht op financiering beginnen we niet aan een volgende fase.”

Onzichtbare weg
Bij het opstellen van het landschapsplan stond de Stelling van Amsterdam centraal. Hierdoor zijn er voor de weg andere ontwerpkeuzes gemaakt. Het ontwerp is gericht op zo min mogelijk aantasting van de Stelling van Amsterdam, met als doel een weg die straks zo onzichtbaar mogelijk is. Met een verdiepte ligging wordt de impact van de weg op de Stelling van Amsterdam verkleind. Dit heeft ook een positief effect op de overlast van de Verbinding A8-A9 naar de omliggende woonwijken. Vooral de verdiepte aansluiting op de A9 draagt hier veel aan bij.

Vervolg
Gedeputeerde Staten hebben positief besloten over het landschapsplan en leggen het nu ter besluitvorming voor aan Provinciale Staten. Dat besluit wordt verwacht in het eerste kwartaal van 2022. Ondertussen werken de partijen aan korte termijnmaatregelen om de huidige overlast op de N203 zoveel mogelijk te beperken.

Het eindrapport van het landschapsplan en de bijborende bijlagen staan als download bij de Projectdocumenten. De 40 maatregelen kunnen bekeken worden via een speciaal daarvoor ingericht digitaal platform. Hier zijn de ontwerpen in een voor en na situatie te bekijken, ingepast in het landschap.

Kijk bij de veelgestelde vragen of maak een keuze hieronder.

U kunt nog 250 karakters intypen
Ben je geen robot? Los dit simpele sommetje op: *
8 + 8 =
Ook de gratis nieuwsbrief van de Stelling van Amsterdam ontvangen?
Schrijf je in  
naar boven

Begaanbaar deel van een inundatie in de vorm van een hooggelegen terrein, een weg, (spoor)dijk of een waterweg.

Verdedigingswerk dat een acces verdedigt

Onderstel voor een vuurwapen

Ook wel bolwerk. Vijfhoekige uitbouw van waaruit flankerend vuur kan worden gegeven.

Samenvoeging van een aantal stukken geschut in één organisatie.

Door een aarden wal van de vijand afgeschermde weg waarlangs manschappen en materieel konden worden verplaatst.

Het door metselwerk, beton of grondlaag bestand zijn van een gebouw tegen geschutsvuur.

Beschutte plek van waaruit de verdedigers de vijand kunnen bestoken.

Granaat gevuld met hoogexplosieve springstof.

Een (lage) uitbouw in een gracht van waaruit flankerend vuur kan worden gegeven.

Ook wel schotbalksluis. Tijdelijke waterkering, door het stapelen van balken in uitsparingen, om het water van een inundatie tegen te houden.

Militaire oefening

Zijwaarts gericht vuur.Groot flankement: ondersteunend vuur naar de nevenforten. Klein flankement: vuur dat de eigen omgeving van het verdedigingwerk bestrijkt.

Naar de vijand gericht deel van een verdedigingsweg.

Een onderdeel van het leger dat o.a. als taak heeft om tijdelijke en permanente verdedigingswerken te bouwen. De naam is afgeleid van het Franse woord ingenieur.

(houten) Loods waarin artillerie- en geniemateriaal werd opgeslagen.

Verzamelnaam voor vuurmonden.

Flauw aflopend talud dat buiten de fortgracht ligt en dat vanaf de frontwal met vuur kan worden bestreken.

(Betonnen) onderkomen voor manschappen, in de jaren ’30 onder andere toegevoegd aan het oostfront van de Vesting Holland.

Pantserkoepel die tijdens het geven van vuur omhoog wordt geheven om in rust weer te verzinken en onzichtbaar te worden.

Tabel die is aangebracht naast de geschutsopening om de bedieners van het geschut inzicht te geven in afstanden tot de doelen en de daarmee samenhangende geschutshoeken.

Onderwaterzetting waarmee een vijand op afstand wordt gehouden.

Ook wel inlaatsluis. Sluis die is aangelegd met als doel om water in een bepaald gebied in te laten.

Ruimte die tegen vijandelijk vuur is gedekt en die is voorzien van een schietgat waarachter een vuurwapen wordt opgesteld.

Van de vijand afgekeerde zijde van een verdedigingswerk.

In de forten van de Stelling van Amsterdam is het een kazemat aan de keelzijde van een fort waarmee flankerend vuur op het voorterrein van de buurforten wordt gegeven en van waaruit de keelzijde wordt verdedigd.

Wet van januari 1853, waarin beperkingen waren opgenomen met betrekking tot het bouwen in de nabijheid van verdedigingswerken, de zgn. verboden kringen, om een vrij schootsveld te waarborgen.

Lineair stelsel van samenhangende verdedigingwerken.

Batterij die in de onmiddellijke nabijheid van een verdedigingswerk ligt en die taken uitvoert die vallen onder dit verdedigingswerk.

Waterzuiveringsinrichting die de kwaliteit van het drinkwater verbetert door er ijzer aan te onttrekken.

Stelling waarin terugtrekkende troepen kunnen worden opgenomen.

Batterij die achter pantserplaten is opgesteld.

Fort met één of meerdere gepantserde geschutsopstellingen.

Draaibare gepantserde geschutsopstelling.

Geschut voor frontaal vuur over grote afstand, direct gericht op de vijandelijke posities.

Vuur dat er op is gericht om vijandelijke artillerie uit te schakelen

Eenvoudig (tijdelijk) verdedigingswerk met kleine bezetting.

Ondergrondse, bomvrije verbindingsgang.

Laatste toevluchtsplek voor de verdedigers binnen een verdedigingswerk, dat zelfstandig kan worden verdedigd.

Bomvrije bergplaats voor geschut of ander onmisbaar materieel.

Gedeelte van en terrein dat onder vuur kan worden genomen.

Open binnenruimte van een fort.

Grondplan of plattegrond.

Benaming van het verband dat in 1922 ontstond door de samenvoeging van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, de Stelling van Amsterdam en het zuidelijk rivierenfront.

Wet van 18 april 1874 waarin de vestingwerken werden bepaald die deel uit gingen maken van de landsverdediging.

Aarden ophoging rond een verdedigingswerk, voorzien van een borstwering.