Ga direct naar inhoud

Deel via social media

Weesp, Wij en de Stelling

Fort aan de Ossenmarkt - excursie
Ons geheugen gaat terug naar 1988 met het kopen en lezen van het toen nieuwe boek De Stelling van Amsterdam; vestingwerken rond de hoofdstad 1880 - 1920. We hadden natuurlijk wel van de Stelling gehoord en hier en daar betonnen forten in het landschap gezien, maar hoe het precies zat werd pas duidelijk uit dit eerste standaardwerk. Het werd een belangrijke inspiratiebron voor onze verdere belangstelling en toekomstige activiteiten.

Jaren later, om precies te zijn zaterdag 10 juni 1995, namen dertig lezers van Historisch Nieuwsblad deel aan een door ons georganiseerde dagexcursie. Doel was de Stelling van Amsterdam en Nieuwe Hollandse Waterlinie meer bekendheid te geven. Tijdens een vaartocht over de Vecht werden bezoeken gebracht aan Fort aan de Ossenmarkt in Weesp, Fort bij Hinderdam en Fort Kijkuit. Door contacten die wij toen legden, konden wij als historici een werkruimte huren in Fort aan de Ossenmarkt en bezochten de oprichtingsbijeenkomst van het Platform Stelling van Amsterdam op 11 juni 1996 in IJmuiden. Daar werden de plannen van de pas opgerichte Stichting Stelling van Amsterdam gepresenteerd. Een belangrijke mijlpaal was de plaatsing van de Stelling op de Werelderfgoedlijst van UNESCO in december datzelfde jaar. Voor ons was de plechtigheid in het Provinciehuis in Haarlem niet alleen een mooi moment om mee te maken, maar ook aanleiding om een expositie samen te stellen over de Stelling van Amsterdam en hierover te publiceren in het regionaal historisch tijdschrift Werinon.

Bij voorbereiding van de expositie, waarbij het vooral om beeldmateriaal ging, kwamen ook leuke dingen uit eigen familiearchief tevoorschijn: grootvader Zeller was tijdens de Eerste Wereldoorlog als militair gelegerd op Forteiland Pampus en stuurde een briefkaart naar zijn toekomstige echtgenote. De expositie was voor het eerst te zien in de entreehal van het Stadhuis/Muziektheater in Amsterdam in mei-juni 1997. De publieke belangstelling voor het verhaal en de afbeeldingen van de Stelling bleek groot, mede omdat internet toen nog in de kinderschoenen stond. Gestimuleerd door aandacht van radio en pers reisde de expositie daarna langs tal van plaatsen in het Stellinggebied, zoals Uithoorn, Hoofddorp, Midden-Beemster, Edam, Fort bij Spijkerboor, Halfweg, Nederhorst den Berg en Weesp.

Het was niet vanzelfsprekend om Fort aan de Ossenmarkt voor publiek open te stellen. Het was in de jaren tachtig opgeknapt en in 1992 opnieuw in gebruik genomen. Sindsdien zijn er verenigingen, een muziekschool en kleine bedrijfjes in gevestigd. Om die reden was het fort maar één dag per jaar voor publiek toegankelijk: op Open Monumentendag. Dit zou veranderen met de eerste Stellingmaand in september 2003. Met steun van de gemeente Weesp, de eigenaar van het fort, bood de Stellingmaand ons een prima gelegenheid om het fort vaker en aan meer mensen te laten zien. Hans Broekmeulen coördineerde in die tijd de activiteiten van de Stellingmaand. Op zijn verzoek deden we ook in andere forten rondleidingen en werkten we mee aan teksten van folders, de Fortenwaaier en de website van Werelderfgoed Nederland. Het was prettig om via het platformoverleg, dat toen meestal plaatsvond in Wormer, ervaringen uit te wisselen met anderen over activiteiten op de forten.

In overleg met Natuurmonumenten maakten we in 2004 een start met rondleidingen op het Forteiland bij Hinderdam, een tot dan toe voor het grote publiek onbekend en ontoegankelijk fort. Vijf jaar later konden we tijdens het zomerseizoen vanuit Fort aan de Ossenmarkt de eerste vaartochten over de Vecht uitvoeren voor dagjesmensen met afwisselend bezoeken aan het Muider Muizenfort, Fort Uitermeer en Fort bij Hinderdam (www.leisurehistory.nl). Hierbij werd vruchtbaar samengewerkt met Guus Kroon in Muiden en de VVV in Weesp. Intussen speelden we een bemiddelende rol bij de restauratie van fortluiken en trappen op het voormalig fortterrein in Weesp door de Stichting Herstelling.

Hoogtepunten beleefden we met het door Cultuurcompagnie Noord-Holland in onze regio georganiseerde Festival Op de Bres in 2011 en de historische excursies en andere activiteiten in Fort aan de Ossenmarkt in 2013. Hieraan leverden ook andere gebruikers van het fort hun bijdrage op het gebied van muziek, theater en kunst. Naar ons idee is het fort als cultureel erfgoed volwassen geworden.

Ron Zeller en Pim Griffioen Fort aan de Ossenmarkt, Weesp
Prentbriefkaart Zeller voorkant
Prentbriefkaart Zeller achterkant
Prentbriefkaart Zeller - beschikbaar gesteld door Ron Zeller

Geüpload  07-08-2014

Kijk bij de veelgestelde vragen of maak een keuze hieronder.

U kunt nog 250 karakters intypen
naar boven

Begaanbaar deel van een inundatie in de vorm van een hooggelegen terrein, een weg, (spoor)dijk of een waterweg.

Verdedigingswerk dat een acces verdedigt

Onderstel voor een vuurwapen

Ook wel bolwerk. Vijfhoekige uitbouw van waaruit flankerend vuur kan worden gegeven.

Samenvoeging van een aantal stukken geschut in één organisatie.

Door een aarden wal van de vijand afgeschermde weg waarlangs manschappen en materieel konden worden verplaatst.

Het door metselwerk, beton of grondlaag bestand zijn van een gebouw tegen geschutsvuur.

Beschutte plek van waaruit de verdedigers de vijand kunnen bestoken.

Granaat gevuld met hoogexplosieve springstof.

Een (lage) uitbouw in een gracht van waaruit flankerend vuur kan worden gegeven.

Ook wel schotbalksluis. Tijdelijke waterkering, door het stapelen van balken in uitsparingen, om het water van een inundatie tegen te houden.

Militaire oefening

Zijwaarts gericht vuur.Groot flankement: ondersteunend vuur naar de nevenforten. Klein flankement: vuur dat de eigen omgeving van het verdedigingwerk bestrijkt.

Naar de vijand gericht deel van een verdedigingsweg.

Een onderdeel van het leger dat o.a. als taak heeft om tijdelijke en permanente verdedigingswerken te bouwen. De naam is afgeleid van het Franse woord ingenieur.

(houten) Loods waarin artillerie- en geniemateriaal werd opgeslagen.

Verzamelnaam voor vuurmonden.

Flauw aflopend talud dat buiten de fortgracht ligt en dat vanaf de frontwal met vuur kan worden bestreken.

(Betonnen) onderkomen voor manschappen, in de jaren ’30 onder andere toegevoegd aan het oostfront van de Vesting Holland.

Pantserkoepel die tijdens het geven van vuur omhoog wordt geheven om in rust weer te verzinken en onzichtbaar te worden.

Tabel die is aangebracht naast de geschutsopening om de bedieners van het geschut inzicht te geven in afstanden tot de doelen en de daarmee samenhangende geschutshoeken.

Onderwaterzetting waarmee een vijand op afstand wordt gehouden.

Ook wel inlaatsluis. Sluis die is aangelegd met als doel om water in een bepaald gebied in te laten.

Ruimte die tegen vijandelijk vuur is gedekt en die is voorzien van een schietgat waarachter een vuurwapen wordt opgesteld.

Van de vijand afgekeerde zijde van een verdedigingswerk.

In de forten van de Stelling van Amsterdam is het een kazemat aan de keelzijde van een fort waarmee flankerend vuur op het voorterrein van de buurforten wordt gegeven en van waaruit de keelzijde wordt verdedigd.

Wet van januari 1853, waarin beperkingen waren opgenomen met betrekking tot het bouwen in de nabijheid van verdedigingswerken, de zgn. verboden kringen, om een vrij schootsveld te waarborgen.

Lineair stelsel van samenhangende verdedigingwerken.

Batterij die in de onmiddellijke nabijheid van een verdedigingswerk ligt en die taken uitvoert die vallen onder dit verdedigingswerk.

Waterzuiveringsinrichting die de kwaliteit van het drinkwater verbetert door er ijzer aan te onttrekken.

Stelling waarin terugtrekkende troepen kunnen worden opgenomen.

Batterij die achter pantserplaten is opgesteld.

Fort met één of meerdere gepantserde geschutsopstellingen.

Draaibare gepantserde geschutsopstelling.

Geschut voor frontaal vuur over grote afstand, direct gericht op de vijandelijke posities.

Vuur dat er op is gericht om vijandelijke artillerie uit te schakelen

Eenvoudig (tijdelijk) verdedigingswerk met kleine bezetting.

Ondergrondse, bomvrije verbindingsgang.

Laatste toevluchtsplek voor de verdedigers binnen een verdedigingswerk, dat zelfstandig kan worden verdedigd.

Bomvrije bergplaats voor geschut of ander onmisbaar materieel.

Gedeelte van en terrein dat onder vuur kan worden genomen.

Open binnenruimte van een fort.

Grondplan of plattegrond.

Benaming van het verband dat in 1922 ontstond door de samenvoeging van de Nieuwe Hollandse Waterlinie, de Stelling van Amsterdam en het zuidelijk rivierenfront.

Wet van 18 april 1874 waarin de vestingwerken werden bepaald die deel uit gingen maken van de landsverdediging.

Aarden ophoging rond een verdedigingswerk, voorzien van een borstwering.